INTERVIEW MET ■ Hans van Hemert

Mijn fascinatie voor het Eurovisie Songfestival begint ergens begin jaren ’90. Misschien niet meteen door Willeke Alberti (mijn eerste songfestivalherinnering), maar nog veel meer door liedjes uit de jaren ’70. Inzendingen als ‘I See A Star’ en ‘Als Het Om De Liefde Gaat’, dáár veerde ik pas bij op. Wie was die man achter deze twee succesvolle songfestivalinzendingen? En achter het immense succes van LUV’? Hans van Hemert, zo ontdekte ik pas jaren later. Met muziekproducer, componist én songfestivalcoryfee Hans van Hemert had ik een uitgebreid interview. Over zijn loopbaan, zijn visie op meidengroepen en natuurlijk zijn mening over de Nederlandse inzending van dit jaar. ■ Door: Gert Waterink

SongfestivalWERK: Vorig jaar heb je de Buma Oeuvre Award ontvangen voor al je verdiensten in het muzikale vak. Nog van harte gefeliciteerd met deze prijs. Natuurlijk is dat een hele eer, maar zou je zélf nog iets willen winnen anno 2017?
Hans van Hemert: “Ik zou nog wel een keer het genoegen willen hebben om te genieten van een wereldhit. Dat is altijd heel prettig want dan word je daar jaren later nog op een prettige manier aan herinnerd. Aan de andere kant, die Lifetime Achievement Award was voor mij een totale verrassing. Het zorgde voor een hele leuke spin-off in de zaal, die gevuld was met allemaal jonge muzikanten en DJ’s en die reageerden allemaal in de trant van “Zoo heej joh, te gek man! Ik wist niet dat je dat geschreven had joh! Gaan we een remix van maken!” En naar aanleiding daarvan heb ik twee weken geleden ook dat mooie interview gehad met Ivo Niehe.
SongfestivalWERK: Je bent op redelijke jonge leeftijd in het artiestenvak gerold. In hoeverre hebben jouw ouders (TV-regisseur Willy van Hemert) hieraan bij gedragen?
Hans van Hemert: “Nou, dat heeft meer te maken met de vanzelfsprekendheid dat je in een creatief vak terechtkomt. Ik wilde bijvoorbeeld altijd al acteur worden. Mijn vader schreef natuurlijk de tekst voor de songfestival-inzendingen ‘Een Beetje’ [ESF 1959] en ‘Net Als Toen’ [ESF 1957]. Mijn broer was altijd al fotograaf en cameraman en later regisseur. Hij heeft ook meegewerkt aan succesvolle films zoals “Schatjes”. En mijn zusje had op jonge leeftijd al een rol in de eerste Nederlandse kleurenfilm, “Jenny”, die ook door mijn vader geregisseerd was. Mijn moeder heeft vroeger bij de Fritz Hirsch-operette gezeten. Dus eigenlijk was de hele familie een facilitator van het artiestenvak. Er bestaat dan ook een soort van logica dat je uiteindelijk óók in dit vak terechtkomt. Je weet niet beter, het wordt je met de paplepel ingegoten.
SongfestivalWERK: Los hiervan, welke nuttige ervaringen uit jouw deelname aan de band The Caps heb je later kunnen gebruiken in jouw latere professionele muziek carrière?
Hans van Hemert: “Nou, ik heb daar aardig van leren zingen. Maar ik ben niet echt een bühnebeest. Integendeel eigenlijk. Maar los van dat heb ik altijd wel, in ‘t geniep en onder pseudoniem, andere dingen gezongen. En dat heeft mij in zoverre geholpen dat ik zo goede demo’s kon maken. Ook voor wat betreft zang dus. Denk daarbij aan liedjes in de stijl van Mick Jagger en Paul McCartney.
SongfestivalWERK: Eind jaren ’60 maak je al heel wat overuren met groepen als Groep 1850, Zen, The Motions en natuurlijk Sandra & Andres. Wat brengt je ertoe om na zoveel (vroege) successen alsnog in 1972 mee te doen aan het Nationaal Songfestival 1972? Zitten daar niet wat nadelen aan verbonden?
Hans van Hemert: “Nou, in die tijd was het zo dat zelfs met een 4e plaats op het Eurovisie Songfestival, je een internationale hit had. En met ‘Als Het Om De Liefde Gaat’ hadden we zowel een hit in het Engels, Frans als het Duits. Duitsland bijvoorbeeld is natuurlijk een enorme markt. En ook in Frankrijk werd de inzending een hit.
SongfestivalWERK: De liedjes voor het Nationaal Songfestival van dat jaar, zijn geschreven door jou en Dries Holten. Hoe verliep de samenwerking tussen jou en Dries?
Hans van Hemert: “Nou nee, ik heb dat nummer alleen geschreven, maar wij werkten veel samen zodat de liedjes op beider naam werden gedeclareerd.
SongfestivalWERK: Heeft die 4e plaats voor jou als componist op het songfestival positieve bijwerkingen gehad?
Hans van Hemert: “Natuurlijk! Allereerst de hele mooie herinneringen. Het was zelfs zo dat op een bepaald moment, in Edinborourgh, ik een smoking aanhad tijdens de puntentelling. En dat ding kriebelde verschrikkelijk. Dus op een bepaald moment tijdens de puntentelling stonden Sandra & Andres op nummer 1. En toen dacht ik, ik hoop niet dat ze nu winnen, want dan moet ik nog langer in die verschrikkelijke smoking blijven zitten. Ook in militaire dienst had ik zo’n kriebelbroek, en ik werd er helemaal gek van. Maar ondanks dat, was die avond in 1972 een geweldige ervaring.
SongfestivalWERK: Twee jaar later componeer je wederom de Nederlandse inzending. Nu doe je dat voor Mouth & MacNeal, ook een duo dat door jou is samengebracht. Wat brengt je ertoe om twee zulke verschillende persoonlijkheden bij elkaar te brengen als duo? Of vallen die verschillen wel mee?
Hans van Hemert: “Nou, dat komt omdat ik zangers en zangeressen, en dat klinkt een beetje oneerbiedig maar ik bedoel dat niet zo, altijd een beetje gebruikte zoals een kok ingrediënten gebruikt. En ik heb altijd gestreefd naar iets wat uit het leven gegrepen is, een soortement van dialoog. En in het geval van Mouth & MacNeal was dat een ‘dialoog’ tussen een soort van levensgevaarlijke houthakker die uit het bos komt en die bij wijze van spreken met één arm een hele boom uit de grond kan trekken en een klein fragiel meisje. Dus dat heb ik een beetje uitvergroot. Sjoukje dus als een heel fragiel meisje, ondersteund door een strijkkwartetje, en snerpende gitaren en blazers op het moment dat Willem Duyn inzette. Maar los van deze vrolijke gekte was het zelfs zo dat een Engelse commentator niet zuiver positief was. Hij schreef namelijk het volgende: ”The result was hurt by the on stage antics between Mouth & MacNeal”. Maar aan de andere kant heeft Graham Norton, songfestivalexpert pur-sang, in zijn Late Night Show recentelijk nog opgemerkt dat het beste nummer van het Eurovisie Songfestival ‘I See A Star’ was! Nou zeg, daar word ik dan wel blij van!
SongfestivalWERK: Na alle songfestivalsuccessen, richt jij als producer in 1976 de meidengroep LUV’ op. De eerste single, ‘My Man’, is qua tekst een behoorlijk stevige song. Niet een beetje een riskante vuurdoop voor LUV’?
Hans van Hemert: “Ik weet nog wel dat ik die tekst schreef en dat ik een soort film voor me zag. Een soort van stevig filmdrama. Maar hoofdmoot voor mij was dat het liedje lekker moest klinken, dat het commercieel aan moest slaan. Maar de echte doorbraak kwam met de titelsong voor de VPRO-show ‘Sjef van Oekel’s Waldolala’ [Dolf Brouwers]. En op een gegeven moment liet ik het demo-tje aan jan en alleman horen, en dus ook aan de manager van LUV’, Han Meijer, en die zei: “Jeee man, dat is een te gek nummer joh! We halen LUV’ erbij!”. En Wim van der Linden vond dat toen wel een mooi idee en die heeft dat erdoor gedrukt. En als je het nou hebt over een mooie synergie, mooie kruisbestuiving tussen iets commercieels en iets cultureel interessants, dan was dat het wel. En mede voor die drie lekkere dames gingen mensen hier dus naar kijken.
SongfestivalWERK: ‘You’re The Greatest Lover’ wordt in 1978 de eerste nummer-1 hit van LUV, wederom een compositie van jou. Heb je ooit gedacht om met LUV’ deel te nemen aan het Eurovisie Songfestival (ook kijkend naar de successen van bijvoorbeeld ABBA (ESF 1974) en Baccara (ESF 1978))?
Hans van Hemert: “De show ‘Waldolala’ was inderdaad de aangever tot succes, maar de definitieve doorbraak kwam absoluut met ‘You’re The Greatest Lover’. Maar ik heb er nooit over nagedacht om met LUV’ naar het songfestival te gaan, want twee van de drie dames konden niet zo goed zingen! En bovendien, ze waren zo succesvol, dat er eigenlijk alleen maar wat te verliezen was met een deelname. En LUV’ onsteeg ook het succes van Mouth & MacNeal en Sandra & Andres. Met Sandra & Andres heb ik één of twee hits gehad in Duitsland en Frankrijk, Maar de hits van LUV’ gingen als een olievlek heel Europa over. In Nederland verkochten we met een hit van LUV’ rond de 200.000 singles. In Duitsland verkochten we 700.000 singles van ‘You’re The Greatest Lover’. Dus de dames van LUV’ waren echt idolen. Het bezoeken van fans ging met een private jet, nou het kon dus allemaal niet op!
SongfestivalWERK: Aan de successen van LUV’ zat ook een drukke touragenda verbonden. In hoeverre kon dit voor strubbelingen zorgen binnen de meidengroep?
Hans van Hemert: “Nou dat was altijd de zorg van de manager [Han Meijer]. Ik was daar [bij strubbelingen] nooit bij en was alweer snel bezig met een volgend project. Ik ging wel eens voor de lol mee naar een concert, en dan gingen we allemaal lachen, ‘rottigheid’ uithalen. Kortom, het was hartstikke leuk. Dus als ik weer in Nederland was, dan ging LUV’ alweer op het vliegtuig naar Mexico.
SongfestivalWERK: In 1981 komt er een einde aan LUV, maar ga je meteen verder met de oprichting van een nieuwe formatie. De groep Vulcano is geboren, wederom door jouw toedoen. Was je na alle successen met LUV niet een klein beetje uitgeput? Dacht je niet “Nu even tijd voor iets anders” ?
Hans van Hemert: “Ja, nog weer een keer drie meiden was niet echt goed voor m’n uithoudingsvermogen. Maar Vulcano is eigenlijk een beetje bedoeld als een soort opvolger van LUV’, Dus ze zijn ook in het Engels begonnen.”
SongfestivalWERK: Twee liedjes voor Vulcano aan het Nationaal Songfestival leverden nipt geen felbegeerd ticket op voor het Eurovisie Songfestival op. Lag het misschien aan de iets conservatievere smaak van de jury’s dat ze niet kozen voor de meer pure, opgewekte vrolijkheid en internationale sound van jouw composities?
Hans van Hemert: “Nou nee. We hadden allereerst een beetje de ‘pech’ dat we gevraagd werden om in 1983 in het Nederlands deel te nemen aan het Nationaal Songfestival. En toen heb ik een beetje een strategische fout gemaakt door twee geweldig leuke liedjes te schrijven, ‘Met Jou Erbij’ en ‘Een Beetje Van Dit’. ‘Met Jou Erbij’ was een liedje dat ging over zenuwen en plankenkoorts. Dus als iemand ‘erbij’ is, naast jou staat, dan zijn de zenuwen allemaal flink wat minder. Maar beide liedjes kregen een heleboel punten. Bernadette had alleen maar één goed liedje, ‘Sing Me A Song’. Dus ik had gewoon één waardeloos liedje moeten schrijven en dan een nummer als ‘Een Beetje Van Dit’!
SongfestivalWERK: Is deze ‘internationale sound’ een reden geweest dat popmuziek van Nederlandse bodem in die dagen (jaren ’70) goed kon meekomen met de Britse en Zweedse muziekindustrie (Was LUV’ misschien een beetje het Nederlandse antwoord op ABBA?)?
Hans van Hemert: “Zo! Nou ja Gert, ABBA vond ik wel geniaal hoor. Dat zat zo goed in elkaar. Ik heb dus nooit echt een antwoord gegeven op de ABBA-rage. Ik maakte gewoon iets wat ik leuk vond. Wat LUV’ betreft heb ik destijds eens naar ‘Musikladen’ gekeken (Het Duitse Top Pop) en naar aanleiding hiervan, n.a.v. het optreden van Silver Convention [ESF 1977, Duitsland], heb ik LUV’ bedacht.
SongfestivalWERK: Heb je na deze teleurstellingen niet gedacht om voor buitenlandse songfestival finales (zoals het Zweedse Melodifestivalen) een liedje te schrijven? Of om jouw heil te zoeken in andere grote ‘muzieklanden’ zoals het Verenigd Koninkrijk en Zweden?
Hans van Hemert: “Vroeger kwam je als vanzelf in een soort stroomversnelling. Muziek maken ging, vrijwel onbewust, als vanzelf. Maar om heel eerlijk te zijn, ik ben niet goed in het aanbieden van mezelf aan anderen. Zo van “Hier ben ik”, nee, daar ben ik niet goed in.
SongfestivalWERK: Hoe kijk je nu naar de recente successen van Nederland op het Eurovisie Songfestival? Komen we weer een beetje in een ‘gouden periode’ terecht zoals in de jaren ’70?
Hans van Hemert: “Anouk vond ik in 2013 geweldig. En ik denk echt dat het lied qua resultaat zwaar onderschat werd [9e plaats]. The Common Linnets vond ik ook hartstikke goed. En Douwe Bob vond ik ook uitstekend [11e plaats].
SongfestivalWERK: Dit jaar is de meidengroep O’G3NE door AVROTROS aangewezen om Nederland te vertegenwoordigen op het 62e Eurovisie Songfestival. Allereerst, ben je nu nog een beetje betrokken bij het songfestival?
Hans van Hemert: “Ik volg het nog steeds op de voet natuurlijk. Als ik iets mag zeggen over O’G3NE, Ik vind de dames echt fantastisch, in alle opzichten. Het enige nadeel vind ik wel dat de groep een beetje té perfect is en dat ze daardoor te weinig ruimte laten voor speelsheid. En ik heb er een beetje last van dat ze, omdat ze met z’n drieën zijn, bijna alles perfect driestemmig moeten zingen. En ik ben een beetje bang dat je met een liedje als ‘Lights And Shadows’ uiteindelijk toch niet zult winnen. En als je deze inzending afzet tegen Loreen [ESF 2012, 1e plaats] en Mans Zelmerlöw [ESF 2015, 1e plaats]…..nou, hoe per-fect is dat dan wel niet! Zowel qua sound, qua opbouw en qua visualisatie. Nou, dan moet je echt uit een heel groot vat tappen. Maar los van dat, ik heb wel erg veel respect voor de dames. Ze zijn superprofessioneel.
SongfestivalWERK: En los van dat, het songfestival blijft natuurlijk erg onvoorspelbaar. Want wie had ooit kunnen bedenken dat The Common Linnets 2e werden en het festival dus bijna wonnen?
Hans van Hemert: “Zijn ze zo hoog gekomen? Waren die 2e?? Goh, dat is mij echt even ontschoten. Ik vind die jongen, Waylon, ook zo geniaal goed zeg! Die heeft een stem van heb ik jou daar. Echt geweldig! Maar dat wist ik helemaal niet joh, dat ze 2e waren geworden!
SongfestivalWERK: Tot slot (bijna), het bloed kruipt natuurlijk waar het niet gaan kan. Zou je voor LUV nog een keertje een compleet nieuw album willen schrijven? Een soortement van comeback-album, met meer rustige ballads, waarin teruggekeken wordt op de carrières van Marga, Patty en José?
Hans van Hemert: “Nee! Kijk, ik verdien niets meer met muziek maken. Maar als ik van tevoren zou weten dat zo’n project iets teweeg kan brengen, dat het geld kan opleveren, dan zou ik het hartstikke leuk vinden. Maar nee, ik ga niet meer voor de ‘katse vioolsnaar’ muziek maken zeg. Kijk ik krijg nog vaak verzoeken van mensen, dat we dit of dat weer eens opnieuw moeten opnemen. Maar dan vraag ik meteen: wie betaalt dat dan?! Er wordt zo makkelijk over gedaan. Want van muziek hoef je toch niet te leven? Dat is toch geen vak? Je verkoopt er niets meer van hoor.
SongfestivalWERK: Ook schrijf je nu nog steeds voor Glennis Grace en begeef je je ook nog eens in het club/chill-out genre. Zou je met inachtneming van jouw recente producties wellicht nog een liedje willen schrijven voor een toekomstige Nederlandse ‘songfestivalheld’?
Hans van Hemert: “Ik vind het altijd leuk om, nog steeds, heel uiteenlopende muziek te schrijven. Dus de ene dag iets gierends.En dan de andere dag weer iets esoterisch. Op YouTube kun je bijvoorbeeld mijn werk ‘Silent Emotion’ vinden. En ik ben gek op natuur, dus dat was een soort inspiratiebron voor dit werk. Dus toen heeft Tim Kelley in visueel opzicht dingen als golven en onweer eronder gezet. Maar ik heb bijvoorbeeld ook wat liedjes geschreven voor mijn dochter en even oude kleindochter. En recentelijk was ik bezig met een rockballad. En dat lukte aardig, maar qua resultaat vond ik het een 7,5. En ik wilde er een 9 van maken. En toen heeft een oude vriend van me, een briljante gitarist, er stevige gitaarsecties bij geschreven.
SongfestivalWERK: Ongelooflijk, wat een boel insight heb ik van jou gekregen Hans. Mag ik je heel erg bedanken voor dit zeer uitgebreide interview?
Hans van Hemert: “Geen dank, het was een erg leuk gesprek. Wat weet je veel van het songfestival zeg. Veel succes in Spanje met jouw werkzaamheden!

Advertenties

Eén reactie op “INTERVIEW MET ■ Hans van Hemert

  1. Pingback: KIEV 2017 ■ TOP 13-Voorspelling Grote Finale |

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s